|
Opa speelt piano, links achter hem oma. Het is duidelijk dat de
inspanningen van mijn betovergrootvader en anderen hun vruchten hebben
afgeworpen. De Indo’s, de halfbloeden, behoorden in Indië, nauwelijks een
halve eeuw nadat Pieter Jansz er in 1851 voet aan wal zette, tot de
bevoorrechten die dezelfde status bezaten als de Europeanen: een goede baan,
ruime huizen met een piano in de serre, waranda’s, tuinen, bediendes.
|