|
| Home | Molenbeekstraat
| Shelly Lapré |
Shelly Lapré over haar aandeel in de
voorstelling Molenbeekstraat
Beeldend kunstenaar en performer Shelly Lapré levert
een belangrijk aandeel in de voorstelling Molenbeekstraat van Ernst
Jansz, die dit seizoen in de Nederlandse theaters te zien is. Zij danst en
speelt met licht en schaduw en illustreert op unieke wijze de Indische
sprookjes in de voorstelling.
Hoe en wanneer is de samenwerking met Ernst Jansz begonnen?
Ernst heeft jaren geleden een optreden van mij gezien in het
kunstenaarsinitiatief De Cacaofabriek in Helmond. Het inspireerde hem om
speciaal voor het optreden van de vlinder een Indisch sprookje over
Prinses Dayang Sumbi en Prins Indra te schrijven. Later kwamen ook
Tangkuban Prahu en Aap en Reiger erbij. Ernst en ik hebben zijn verhalen
en liedjes met mijn performance van licht en schaduw samengevoegd. Die
voorstelling, waarbij Ernst vertelt en zingt en ik Indische sprookjes
uitbeeld, ging in première tijdens het bezoek van Koningin Beatrix aan de
Pasar Malam Besar in Den Haag 2003. In 2004 voor het Indisch Erfgoed in
Apeldoorn én in 2005 tijdens de Indische Zomer in Theater Diligentia met
het thema Het land van herkomst als inspiratiebron. Technisch moest
er nog wat bijgeschaafd worden maar de combinatie tussen ons beviel goed.

Welke plaats nemen volgens jou de Indische sprookjes in, in het werk
van Ernst Jansz? Het lijkt of het in de voorstelling Molenbeekstraat
pas echt z'n plek heeft gevonden.
Ernst schreef de Indische sprookjes als variatie in Molenbeekstraat
met in zijn gedachten dat ik het ging uitbeelden. Elementen uit
Molenbeekstraat zijn hierin verwerkt. Daarbij is het laatste sprookje van
Luna erbij gekomen. Terwijl Ernst aan het boek Molenbeekstraat en zijn
nieuwe CD werkte en ook het theaterprogramma samenstelde, concentreerde ik
me op de vormgeving van het decorbeeld op het podium. Voor de technische
aspecten zoals licht en geluid hebben we een professionele technicus erbij
gehaald.
Had je van te voren een beeld van het spel dat je wilde laten zien.
Jij drukt je eigen stempel op de Indische sprookjes. Het is méér dan
illustreren alleen. Hoe zou je dat verklaren?
Dans en beweging is voor mij zowat even belangrijk om mezelf uit te
drukken als het schilderen. Jarenlang heb ik Pencak Silat beoefend en
sinds een paar jaar ook Javaanse dans. Daarbij is mijn Indische afkomst
(ik ben in Nederland geboren, mijn ouders en voorouders in het voormalig
Nederlands-Indië, het hedendaagse Indonesië) een bron van inspiratie. De
cultuur en diverse kunstuitingen uit Indonesië hebben voor mij als
kunstenaar een geweldige artistieke invloed. Deze oosterse mystieke kracht
breng ik over in mijn werk. Tijdens het werken in mijn atelier zijn mijn
schilderijen een onderdeel geworden in een performance van
lichtprojecties, schaduw, dans en muziek. Op deze manier presenteer ik
mijn werk sinds 1995. Het optreden van Ernst en mij is ook na een proces
van een aantal jaren ontstaan, het is gegroeid tot wat het nu is. Toen
Ernst mij vroeg om Indische sprookjes uit te beelden, wist ik meteen welke
technieken ik ging gebruiken. Hij laat mij daar vrij in, dus kreeg ik alle
ruimte om te experimenteren. Naar aanleiding van zijn verhalen werd ik
geïnspireerd om speciaal voor de voorstelling schilderijen, wajangpoppen,
maskers en kostuums te maken. Tijdens het repeteren bekeken we hoe we het
zouden gaan combineren en de muzikale aanvulling heeft Ernst bedacht.
Kun je iets vertellen over de materialen die je gebruikt hebt?
In mijn werk maak ik gebruik van zowel westerse als Indonesische (of
andere oosterse) materialen en technieken. Zo gebruik ik diverse stoffen
en originele Indonesische batik om de Indische sfeer te benadrukken. Het
past goed bij ons optreden. Het scherm voor het schimmenspel is een
samenstelling van stof en Chinees rijstpapier dat eerst gebatikt wordt met
authentiek Indonesische Tembok- en Klowonbatikwas door middel van een
Tjanting (waspen) en tenslotte beschilderd met speciale verf. Ook bij de
wajangpoppen heb ik de batiktechniek toegepast. Uiteindelijk ziet het
publiek niet dat ik alles zo bewerkt heb. Maar het gaat om de aandacht die
ik eraan gegeven heb, alsof ik als een Dalang mijn spullen eerst ritueel
heb ingewijd. Tijdens het wajangspel geeft mij dat een spiritueel gevoel.
De maskers zijn gemaakt van een speciale samenstelling van papiermaché en
gips, zodat het stevig genoeg is voor heel veel optredens. De vlinder is
een kostuum plus een kipas (waaier) van speciale stoffen die goed
combineren met lichtprojecties.
Hoe vergaat het 'toeren' je?
Het is fantastisch om te doen en ik voel me er goed bij. Natuurlijk is het
reizen vermoeiend, maar het optreden geeft ook veel positieve energie.
Thuis voor mijn gezin is het niet altijd gemakkelijk, het vraagt veel
organisatie. Mijn kinderen van 9 en 15 jaar zijn behoorlijk zelfstandig,
maar moeten mij nu veel missen en dat zijn ze niet gewend. Ik maak het wel
goed als ik thuis ben. Uiteindelijk is wat ik doe ook goed voor hen.
Meer informatie
Shelly Lapré (Veldhoven, 1958) is beeldend kunstenares en performer. Meer
informatie over haar werk, workshops en projecten vindt u op: www.shellylapre.nl.
|